Eerst de auto leren kennen, dan het verkeer

Veel leerlingen stappen voor het eerst in de lesauto en willen het liefst meteen de weg op. Dat snap ik. Je hebt je aangemeld voor rijlessen, je zit achter het stuur, je wilt rijden. Maar zo werkt het niet. En dat is niet erg, want iedereen begint op hetzelfde punt.

Een auto besturen is niet vanzelfsprekend

Denk er even over na. Je zit in een voertuig van zo’n 1500 kilo. Je hebt een gaspedaal, een rem, een stuur, richtingaanwijzers, spiegels, en in sommige gevallen ook nog een koppeling en schakelpook. Dat zijn veel dingen die je tegelijkertijd moet bedienen, terwijl je ook nog rechtdoor moet rijden zonder de stoeprand te raken.

In de eerste lessen gaan we dan ook niet meteen de drukke straat op. We beginnen rustig. Je leert het stuur vasthouden, gas geven en remmen op een manier die soepel en beheerst is. Je leert schakelen zonder naar de pook te kijken. Je leert je spiegels gebruiken. Klinkt allemaal eenvoudig, maar probeer dat maar eens tegelijk te doen als je het nog nooit eerder hebt gedaan.

Waarom dit zo belangrijk is

Zolang je bewust bezig bent met de bediening van de auto, heb je weinig ruimte in je hoofd voor al het andere. En dat andere is precies waar het om draait als je straks in het verkeer rijdt. Voorrang verlenen, anticiperen op andere weggebruikers, verkeersborden herkennen en er naar handelen. Dat lukt pas als het schakelen, sturen en remmen op de automatische piloot gaat.

Vergelijk het met leren fietsen. In het begin ben je alleen maar bezig met je evenwicht bewaren en trappen. Pas als dat vanzelf gaat, kun je om je heen kijken en meedoen in het verkeer. Bij autorijden werkt het precies zo, alleen zijn er meer knoppen en pedalen.

Iedereen heeft daar een andere snelheid in

Sommige leerlingen hebben de basisbediening na een paar lessen onder de knie. Bij anderen duurt het langer. Daar is niets mis mee. Het heeft te maken met hoe snel je motorische vaardigheden oppikt, hoe ontspannen je bent achter het stuur en hoeveel je jezelf toestaat om fouten te maken. Want fouten maken hoort erbij. Daar leer je van, en daar ben ik als instructeur bij om je doorheen te helpen.

Wat niet helpt is jezelf vergelijken met anderen. “Mijn vriendin kon na vijf lessen al de stad in.” Misschien wel. Maar misschien had zij al ervaring op een brommer, of is ze opgegroeid op een boerderij waar ze vanaf haar twaalfde op een trekker reed. Jouw uitgangspunt is anders, en jouw tempo is jouw tempo.

En dan?

Op het moment dat de bediening vanzelf gaat, begint het pas echt. Dan gaan we stapje voor stapje het verkeer in. Eerst rustige wegen, dan drukker, dan complexere situaties. En dan merk je dat autorijden eigenlijk twee dingen tegelijk is: de auto besturen en deelnemen aan het verkeer. Het eerste moet je onder controle hebben voordat het tweede lukt.

Dat eerste stuk voelt soms als stilstaan. Alsof je niet opschiet. Maar geloof me: het is de basis waar alles op gebouwd wordt. Zonder die basis heeft de rest geen fundament.
Dus als je na je eerste les denkt “ik kan nog helemaal niets”: dat klopt. En dat is precies waar je hoort te zijn.

Scroll naar boven